Het klimaat wacht niet, wij ook niet: drie concrete voorstellen van Comac

“Het kapitalisme is in oorlog met het klimaat”, luidt de bekende stelling van de Canadese journalist en auteur Naomi Klein. De mensheid staat in feite voor een simpele keuze: zich verzoenen met de wetten van de natuur, of blijven gehoorzamen aan de wetten van de markt. De twee kunnen niet samen.

De marktconcurrentie dwingt bedrijven namelijk om steeds meer en steeds goedkoper te produceren dan de concurrent, ongeacht de gebruikswaarde van het product, de sociale gevolgen of de impact op de natuur. Een kleine groep van machtige bedrijven heeft een verpletterende verantwoordelijkheid in de opwarming van de aarde: 71% van de uitstoot sinds 1988 is het werk van 100 multinationals. Zij maken superwinsten met de ontginning, verkoop en verbruik van fossiele brandstoffen. En zij investeren jaarlijks nog miljarden in de zoektocht naar nieuwe fossiele grondstoffen, die zij de komende decennia hopen aan te boren om nog meer winst te maken. Dat wil zeggen dat een oplossing voor het klimaatprobleem niet mogelijk is zonder in te gaan tegen hun belangen.

Op termijn is het kapitalisme niet verenigbaar met een duurzaam samenlevingsmodel. Een steeds groter deel van de klimaatbeweging is zich daarvan bewust, zoals blijkt uit de bekende slogan Change the system, not the climate. De blinde kapitalistische marktconcurrentie zorgt voor een totale anarchie in de wereldwijde economie. Grote multinationals plannen hun productieketens tot in het kleinste detail op internationale schaal, maar zij doen dat achter gesloten deuren en houden enkel rekening met hun eigen winsten. Ze ontsnappen de facto aan elke democratische controle. Dat terwijl de ecologische transitie die we nodig hebben een totale heropbouw van de wereldeconomie veronderstelt, iets wat ondenkbaar is zonder wetenschappelijke planning. Geen enkele bank of multinational heeft trouwens genoeg middelen in huis om al de nodige investeringen waar te maken. Daarvoor is een centrale investeringsbank nodig - liefst een moderne volksbank onder directe democratische controle van de bevolking. Door de bankensector en de grootste economische sleutelsectoren terug in handen te brengen van het collectief, is een democratische planeconomie mogelijk. Zo’n nieuw en democratisch socialisme 2.0 is natuurlijk niet automatisch duurzaam, daarvoor zullen we ons moeten blijven actief inzetten. Maar ze biedt tenminste wel de voorwaarde om de planeet en de mensen die erop wonen te redden.

Dat we een systeemverandering nodig hebben, wil echter niet zeggen dat we voorlopig niets kunnen doen. Elke maatregel die de anarchie en winsthonger van de markt tempert en de greep van het collectief over de productie vergroot, gaat in de goede richting en kan helpen om het uiteindelijke doel te bereiken. Er zijn in feite tientallen nuttige maatregelen die politici vandaag al kunnen nemen voor het klimaat. Ze hoeven daarvoor niet eens hard na te denken, wetenschappers en onderzoekers komen met meer dan voldoende technische voorstellen die ze gewoon kunnen overnemen. Comac stelt alvast drie concrete stappen voorop die op respectievelijk internationaal, Europees en Belgisch niveau moeten worden genomen om een kans te maken om de klimaatcatastrofe af te wenden.

1. Maak de COPs “multinational-free”

De jaarlijkse internationale klimaatconferenties van de Verenigde Naties, waar de grote klimaatakkoorden worden gesloten, worden steeds vaker gesponsord door grote bedrijven. In ruil voor die sponsoring, krijgen ze “geprivilegieerde toegang tot de ontmoetingsplaatsen en plaatsen waar meningen worden geuit” tijdens de top. In de praktijk komt het voor dat ze letterlijk bij de wereldleiders aanschuiven aan tafel om hun belangen te verdedigen. Bij de klimaatonderhandelingen in Parijs in 2015 was dat bijvoorbeeld het geval met multinationals als EDF, Engie (dat ook Electrabel bezit), Renault-Nissan en Air France. Het parallel aan de top door de VN georganiseerde Sustainable Innovation Forum werd dan weer gesponsord door onder andere BMW, Coca Cola en BNP Paribas Fortis die er ook spreekrecht kregen. Voor de komende klimaattop in Polen zijn opnieuw BMW, Siemens, Bluewater (dat olietankschepen bouwt), Eaton (dat onderdelen van vliegtuigen en vrachtwagens bouwt) en vele andere vervuilende multinationals van de partij.

Maak de klimaattoppen “multinationals-free”, omdat het lobbywerk van deze grote vervuilers een daadkrachtig klimaatakkoord in de weg staan. Je nodigt ook geen pyromanen uit voor een top over brandveiligheid!

2. Zorg voor bindende uitstootnormen voor de industrie

Sinds het Protocol van Kyoto (1997) engageert de Europese Unie zich om haar uitstoot te verminderen. Althans, in theorie. Want in de praktijk is de uitstoot gestegen, behalve even tijdens de economische crisis na 2008. Dat komt niet alleen doordat de klimaatplannen niet ambitieus genoeg zijn, maar ook doordat de 11.000 grootste vervuilende bedrijven buiten die klimaatplannen vallen! Voor fabrieken, elektriciteitscentrales en andere installaties met een netto warmteoverschot van 20 megawatt, bestaat sinds 2005 een apart systeem om de uitstoot te reguleren: het EU Emission Trading System (ETS). ETS houdt kort gezegd in dat bedrijven jaarlijks uitstootrechten ontvangen die ze kunnen verhandelen op een markt. Bedrijven die te veel uitstoten, kunnen gewoon certificaten overkopen van andere bedrijven die er op overschot hebben. Dat kost veel minder dan de productieprocessen aan te passen. Door de economische crisis is de prijs van die uitstootrechten ook nog eens gekelderd. Resultaat? De grote bedrijven blijven gewoon verder vervuilen, zonder dat het hen iets kost.

Schaf het ETS-systeem af en vervang het door bindende normen voor de grote industrie. Grote bedrijven in de EU moeten investeren in schonere productieprocessen en hun uitstoot elk jaar met 8 à 10% verminderen. Als ze dat niet doen, volgen er sancties.

3. Dump Electrabel, kies voor een duurzame en openbare Smart grid

Twintig jaar geleden was energie nog een publieke sector, maar de paarsgroene regering Verhofstadt I (1999-2003) besliste om de Belgische energiesector te privatiseren. Op de private markt, waar winst de enige maatstaf is, werd Electrabel al gauw opgekocht door de Franse multinational GDF Suez (nu Engie). Het resultaat? België blijft afhankelijk van kernenergie en loopt enorm achter in de ontwikkeling van duurzame energie; zes van de zeven kernreactoren liggen geregeld stil; onze veiligheid wordt bedreigd door scheurtjes en betonrot en in de winter moet de regering stroomboten inzetten omdat een black-out dreigt. Gebuisd over de hele lijn dus. Electrabel kiest voor de snelle winst door nodige onderhoudswerken uit te stellen en lobbyt om de kerncentrales langer open te houden. In plaats van te bezwijken voor hun chantage, moet de regering de volledige kernuitstap tegen 2025 afdwingen zoals afgesproken – en Electrabel moet dus ook de kosten daarvan dragen.

Om het wegvallen van de kerncentrales op te vangen, zullen enkele windmolens links en rechts niet volstaan. Het huidige top-down energienet waarbij de kerncentrales van bovenaf domineren, moet plaatsmaken voor een Smart grid. Op zo’n slim netwerk kunnen zowel grote publieke energiebedrijven als kleinere, lokale stadsbedrijven en energiecoöperatieven zorgen voor duurzame van zonne-, wind-, water- en geothermische energie. Om dat te realiseren, richten we simpelweg een publieke investeringsbank voor de ecologische transitie op, zoals in Duitsland. Het is onze energie!

>>> De duurzame economie van de toekomst zal niet op basis van fossiele brandstoffen, maar op basis van waterstof draaien. Lees alles over onze voorstellen voor een sociaal rechtvaardige waterstofeconomie in de volgende editie van Marx Today! <<<


Comac logo© Comac Studenten 2018.

Privacy

In samenwerking met: