De Commune van Leuven (1968)

Vijftig jaar geleden daverde het kapitalisme op haar grondvesten. In een periode van grote bevrijdingsbewegingen in de derde wereld (Cuba, Congo, Vietnam…) kwamen plots ook de studenten in de geïndustrialiseerde landen massaal in opstand tegen het oude gezag. Tot overmaat van ramp trokken de studenten naar de fabrieken en probeerden ze de arbeidersklasse te betrekken in hun plannen om de wereld te veranderen. De miljoenenstaking in Frankrijk in mei 1968 was het hoogtepunt van die wereldwijde contestatie en ‘mei 68’ werd zo een verzamelnaam voor die tumultueuze periode. Maar Frankrijk had zeker niet het monopolie op mei 68 – ook in Spanje, Italië, Duitsland, Nederland, Japan en de VS kwam de jonge generatie op straat voor een nieuwe samenleving gekenmerkt door vrijheid, emancipatie en solidariteit. De spits werd echter afgebeten door Vlaanderen, of all places. In januari 1968, lang voordat Parijs ontwaakte, keerden Vlaamse én Waalse studenten de streng katholieke Dijlestad om tot de ‘Commune van Leuven’.

De Meirevolte van 1966

16 mei 1966. De Belgische bisschoppen die de plak zwaaien aan de Katholieke Universiteit Leuven (KUL) maken kennis met het begrip boemerang. Een autoritaire verklaring van enkele dagen eerder die als bedoeling had om elke stem over de splitsing van de universiteit in een Nederlandstalige en Franstalige instelling het zwijgen op te leggen, keert dubbel zo hard terug in hun gezicht. Met hun verklaring hadden de bisschoppen niet alleen de Vlaamse gevoelens gekwetst van zij die onderwijs in hun eigen taal wilden genieten, ze hadden vooral voor eens en voor altijd duidelijk gemaakt dat zij geen enkele vorm van inspraak dulden. Honderden studenten kwamen op straat in Leuven, om door de rijkswacht uiteen te worden geslagen. De volgende dagen zwollen de acties aan tot enkele duizenden studenten. Ook in andere Vlaamse steden organiseerden studenten en scholieren allerlei bijeenkomsten, marsen en acties. Op 20 mei besliste de Academische Raad om het academiejaar vroegtijdig op te schorten. Maar ondertussen was het vuur aan de lont geslagen. Nog tot 31 mei kwamen jongeren overal in Vlaanderen op straat.

‘Op de tonen van Bob Dylan en The Rolling Stones was een generatie van geuzen opgestaan’

Tijdens de zogenaamde Meirevolte klonk aanvankelijk nog de dwaze slogan ‘Walen buiten!’. Maar de beweging werd ook al snel anti-klerikaal en anti-autoritair. Slogans als ‘Purperen gieren buiten!’, ‘Stop een bisschop in uw tank!’ en zelfs ook ‘Revolutie’ stegen op uit de studentenmassa. De hymne We Shall Overcome van de Amerikaanse burgerrechtenbeweging overstemde al gauw de Vlaamse Leeuw. En de matrakken en waterkanonnen van de rijkswacht deden de rest. De ideeën schoven op naar links. Op de tonen van Bob Dylan en The Rolling Stones was een generatie van geuzen opgestaan. Een harde kern begon zich voor te bereiden op de volgende fase. Een voetmars van Oostende naar Leuven, geïnspireerd door de Meredith-mars in de VS, was de eerste stap. Ludo Martens, Paul Goossens en andere studentenleiders hadden zich intussen opgewerkt in de structuren van het Katholiek Vlaams Hoogstudentenverbond (KVHV), de enige grote studentenvereniging van die tijd. Via Ons Leven, de publicatie van KVHV Leuven dat het meest gelezen studentenblad van de stad was, konden zij een groot publiek bereiken.

De Commune van Leuven brengt de regering ten val

Het hele jaar 1967 lang trok Paul Goossens door Leuven, gewapend met een megafoon, om op te roepen voor actie en voor protest. Onder impuls van Ludo Martens werd een nieuwe organisatie opgericht, de Studentenvakbeweging (SVB), om expliciet de belangen van de studenten te verdedigen tegenover het autoritaire bestuur. Op 14 januari 1968 maakten de bisschoppen een nieuw expansieplan bekend, dat expliciet het behoud van de Franstalige faculteiten in Leuven bevestigde. Alweer spatte de arrogantie en vermeende onaantastbaarheid van de officiële verklaring af. De SVB was intussen de belangrijkste en best georganiseerde studentenorganisatie. Er braken hevige rellen uit, van een heel andere orde dan in mei ‘66. Paul Goossens stond nu voor nokvolle zalen. Vanaf 16 januari werd ‘Walen buiten’ voorgoed vervangen door ‘Bour­geois buiten’. De massa trok naar de Hallen waar ze tafels, stoelen, fichebakken en andere huisraad naar buiten droeg om op te stoken. Het vuur sloeg in de Leuvense pan... ’s Avonds galmde het geroep van 2.000 betogers tussen de huizen tijdens de eerste van vele ‘avondwandelingen’. De rijkswacht arresteerde die nacht 325 personen. Woensdag 17 januari staakte heel Leuven-Nederlands.

‘Voor de gevestigde macht werd de Commune pas echt gevaarlijk toen ze solidariteit begon te zoeken bij de arbeidersklasse’

Aan de huizen van de faculteitskringen, aan de stu­dentenhuizen, aan de Alma’s: overal verschenen muurkranten met uiteenlopende maar vaak zeer radicale visies. Leuven werd wekenlang door de studenten bezet. Tienduizenden scholieren sloten zich bij de beweging aan. In alle Vlaamse steden vonden scholierenstakingen en betogingen plaats. De rijkswacht probeerde vergeefs de ‘Commune van Leuven’ met repressie neer te slaan en studentenleider Paul Goossens werd van 17 tot 30 januari vastgehouden. Maar anderen namen direct zijn plaats in op de dagelijkse volksvergadering in de Alma II. De SVB organiseerde vormingen over de democratische universiteit, het kapitalisme, het imperialisme en de rol van de staat en de rijkswacht. Mede dankzij deze scholing en het organisatienetwerk van de SVB slaagden de studenten er zo in om het dagelijkse kat-en-muisspel met de gendarmen te overleven en de beweging staande te houden. Op 7 februari viel uiteindelijk de regering-Vanden Boeynants en kwam de Leuvense revolte stilaan ten einde.

Arbeiders, studenten: één front!

Het is opmerkelijk en achteraf zelfs paradoxaal dat een massabeweging zo snel kon evolueren van een eerder conservatieve naar een linkse en zelfs revolutionaire lijn. Minstens drie elementen liggen aan de basis van die omslag. Ten eerste de internationale context: Che Guevara, Vietnam, de Culturele Revolutie in China… overal ter wereld kwamen volkeren in opstand tegen het imperialisme. Vervolgens zorgde de repressie door het staatsapparaat voor een snelle bewustwording. Na de Meirevolte kreeg het dodelijk optreden van de rijkswacht tegen de stakende mijnwerkers in Zwartberg in 1966 een heel andere betekenis voor de studenten. Ten slotte speelde de leiding en het organisatiewerk van de Studentenvakbeweging (SVB) een belangrijke rol. Al vanaf de Meirevolte in 1966 werden de oude Vlaamsgezinde eisen in linkse termen geformuleerd: voor het recht op onderwijs in eigen taal, ook voor de Franstaligen. Zo werd tijdens de Commune van Leuven ook de hand uitgestoken naar de Franstalige studenten. Een typerende affiche, gemaakt door een Vlaamse student, riep op tot samenwerking: « La langue française est la seule chose que la bourgeoisie a de commun avec vous. Notre langue qui est aussi la vôtre, est la langue et la mentalité anti-capitaliste et anti-bourgeoise »

Wat zijn de kernwaarden van mei ‘68? Het emancipatorische, het anti-autoritaire en het gelijkheidsideaal

Voor de gevestigde macht werd de Commune pas echt gevaarlijk toen ze solidariteit begon te zoeken bij de arbeidersklasse. Op 29 januari 1968 legde de SVB een bus in om de stakende mijnwerkers in Limburg te bezoeken en op 1 februari twee bussen naar de arbeiders in Luik. Andersom betoogden op 3 februari 1.700 leraars in Antwerpen om steun te betuigen aan de studenten en scholieren. De SVB schoof zo ook steeds meer op naar het marxisme. Ontmoetingen met internationale studenten gaven daarin de doorslag. Tijdens de vakantie van ‘68 bestudeerden een dertigtal militanten van de SVB gedurende zeven volle dagen Wat te doen? van Lenin. Ze kwamen tot het besluit dat er een revolutionaire arbeiderspartij nodig was en kozen voor een leven in dienst van en middenin de werkende bevolking. Ludo Martens vormde de SVB om tot een ‘partij-in-opbouw’ onder de naam AMADA (Alle Macht Aan De Arbeiders). In 1979 ontstond hieruit de Partij Van De Arbeid. De PVDA als linkse, unitaire en internationalistische partij is dus letterlijk uit mei ’68 geboren.

Nieuw Rechts versus mei 68

In februari 2018 hield de N-VA een feestelijk seminarie om ‘50 jaar Leuven Vlaams’ te vieren. Voorzitter Bart De Wever maakte in zijn toespraak een fictief onderscheid tussen enerzijds de beweging voor Leuven Vlaams, waarvan hij de N-VA als rechtmatige erfgenaam poneerde, en anderzijds mei 68 dat hij afschreef als een eruptie van “hedonisme”, “nihilisme” en vooral “individualisme”[1]. De toespraak maakt deel uit van een ideologisch offensief van Nieuw Rechts tegen mei 68 en haar verwezenlijkingen. Hun leitmotiv luidt dat na mei 68 een linkse, “politiek correcte” elite de macht veroverde en het sociaal weefsel afbrak. Steve Bannon maakte daar zelfs een film over[2]. “De geschiedenis die ik heb meegemaakt is door de N-VA vervalst” antwoordde Paul Goossens in Knack (21/3) op Bart De Wever. Samen met Ludo Martens was Goossens de leider van de studentenbeweging (van ‘Leuven Vlaams’ tót mei 68). “Wat zijn de drie begrippen die mei ‘68 kunnen typeren? Dat is toch het emancipatorische, het anti-autoritaire en het gelijkheidsideaal. Daaruit ontstond de milieubeweging, de beweging voor de democratisering van het onderwijs, de derdewereldbeweging, de vredesbeweging, noem maar op.” “Links heeft nooit de culturele hegemonie gehad. Het tegengestelde is gebeurd. Het neoliberalisme is opgekomen, er werden kernraketten geïnstalleerd, en de vermarkting van de Europese idealen is begonnen.”[3]


In LAVA nr. 4 staat een uitgebreid artikel van Olivier Goessens en Herwig Lerouge over 50 jaar mei 68 in Vlaanderen (hier).


[1] https://www.n-va.be/sites/default/files/180224_speech_bart_de_wever_leuv...

[2] In zijn documentaire Generation Zero (2011) legt Bannon de verantwoordelijkheid voor de financiële crisis van 2008 bij de ‘linkse elite’ die na mei 68 de bedrijfswereld en politiek zou hebben overgenomen

[3]Oud-links en nieuw-Vlaams over Leuven Vlaams en mei '68’, Knack 21/3/2018


Comac logo© Comac Studenten 2018.

Privacy

In samenwerking met: