Zomerakkoord, koude toekomst: waarom ik als student de reactiedag van 10 oktober steun

(gepubliceerd op Knack.be)

Op 10 oktober wordt er gestaakt tegen het Zomerakkoord dat de regering met veel toeters en bellen op Tomorrowland beklonk. Niet iedereen kon namelijk in de feestvreugde delen. De woede over de asociale maatregelen van de regering zit diep. Verschillende sectoren gaven al aan mee te staken. Maar dit is niet gewoon een zaak van de vakbonden. De staking van 10 oktober gaat de gehele maatschappij aan, en in het bijzonder de jeugd. Vier redenen waarom ik als student de reactiedag van 10 oktober steun:

Omdat we openbaar vervoer nodig hebben om de planeet te redden

Als ik met studenten praat aan de universiteit in Gent is het klimaat steevast het eerste thema dat naar voren komt. Als we een desastreuze klimaatverandering willen vermijden, moeten we drastische maatregelen nemen om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen. Een van de sleutels is een sterk uitgebouwd openbaar vervoer, dat aantrekkelijk genoeg is om de auto links te laten liggen. Momenteel zijn veel mensen daartoe niet geneigd. En wie kan het ze kwalijk nemen? Het aanbod is ontoereikend, vertragingen zijn schering en inslag en tot overmaat van ramp stijgen de prijzen terwijl de dienstverlening erop achteruitgaat. De prijs van een bus- of tramticket zag ik in mijn korte leven al toenemen van 90 cent naar drie euro. De NMBS-tarieven stegen de voorbije 20 jaar dan weer 14% meer dan de lonen, terwijl er lijnen werden afschaft en veel loketten gesloten. Open VLD en N-VA spelen handig in op de ontevredenheid om de privatisering van het spoor te verkopen. Het Zomerakkoord dient duidelijk als voorbereiding daarvoor.

Maar lost privatisering de problemen echt op, of maakt het ze alleen maar erger? Kijk naar het Verenigd Koninkrijk. Sinds de privatisering liepen de prijzen daar de spuigaten uit. Een treinticket in het Verenigd Koninkrijk is gemiddeld zes keer duurder dan in België. Ook het aanbod laat nog veel meer te wensen over dan bij ons. En de verdomde vertragingen? Die namen spectaculair toe, in plaats van af. De malaise is bij de Britten zo groot dat er zowel bij links als rechts stemmen opgaan om de spoorwegen terug te nationaliseren. Een geprivatiseerde dienst moet steeds meer winst opbrengen en dat gaat ten koste van het personeel en de minder koopkrachtige klant. Een openbare dienst daarentegen kan een kwaliteitsvolle dienst aanbieden voor iedereen, op voorwaarde dat de overheid er genoeg in investeert. Dat is de afgelopen legislaturen te weinig gebeurd. Als we van het spoor een performant en aantrekkelijk alternatief voor de wagen willen maken, moet er dus niet geprivatiseerd maar geïnvesteerd worden. Ook dat is de inzet van de staking op 10 oktober. Zoals Naomi Klein al zei: “Stakende spoorarbeiders zijn de klimaatactivisten van de 21ste eeuw.

Omdat we kwaliteitsjobs nodig hebben en geen precair werk

Met het Zomerakkoord wordt ook het beschermd statuut van de openbare diensten geviseerd. Zo’n statuut is belangrijk om werknemers te beschermen, zeker in openbare diensten. Het statuut beschermt de ambtenaar tegen de willekeur van steeds wisselende bazen, belangrijk als je bazen verkozen politici zijn en je dus ook elke vijf jaar nieuwe bazen kan krijgen. Het biedt eveneens bescherming als de ambtenaar weigert om een illegaal bevel uit te voeren. Stel nu dat een staatssecretaris zou vragen om vluchtelingen op een illegale manier het land uit te zetten. Dankzij het beschermde statuut, kunnen ambtenaren dat order dan weigeren zonder te moeten vrezen voor hun job of andere represailles. Dat is dus belangrijk voor de democratie.

Het beschermd statuut is ook als een dam tegen privatiseringen. Geen enkele ondernemer wil een bedrijf overnemen waar de werknemers van goede voorwaarden en bescherming genieten. Dat haalt de winsten naar beneden en verzwakt dus de concurrentiepositie. Bij Bpost was de afschaffing van het statuut de eerste stap naar de privatisering die nu wordt voorbereid. Ondertussen werk je bij Bpost aan slechtere voorwaarden en een lager loon. Een hulppostbode verdient zelfs aan het einde van een lange loopbaan maximum 1743,47 euro per maand bruto. Veel postbodes getuigen dat ze elke dag 1 of zelfs 2 uur aan onbetaalde overuren werken. Uit schrik om hun job te verliezen of overgeplaatst te worden naar een moeilijkere ronde eisen ze geen uitbetaling of compensatie voor deze uren. De afschaffing van het statuut van de openbare diensten treft echter niet enkel de mensen die daar werken. Het voorbeeld van de publieke diensten zorgt ervoor dat de omstandigheden en lonen in de privésector min of meer moeten volgen. Werknemers zijn minder geneigd om akkoord te gaan met hypeflexibele werkschema’s, lage lonen en slechte voorwaarden als ze weten dat ze bij een publieke dienst beter kunnen krijgen. Als we nu toestaan dat het goede voorbeeld wordt afgeschaft, zullen de lonen en de werkomstandigheden overal verslechteren. Het beschermen van het statuut in de openbare diensten is dus ook het beschermen van onze toekomst.

Omdat we geen baat hebben bij ‘Flexiland’

Als studenten moeten we later allemaal de arbeidsmarkt op. We hopen ook allemaal dat we dan nog steeds hobby’s zullen hebben en een gezond gezinsleven kunnen uitbouwen. De regering wil echter alsmaar meer de arbeidsmarkt ‘flexibiliseren’. Vaste jobs worden afgebouwd en vervangen door interims en nul-urencontracten: je wordt opgeroepen wanneer het bedrijf je nodig heeft. Een leven uitbouwen wordt wel heel moeilijk als je pas 48u op voorhand weet wanneer je moet werken. Wanneer plan je een etentje met je partner? Kan je de kinderen naar hun hobby brengen deze week? Allemaal vragen die heel concreet zullen worden in het ‘flexiland’ dat de regering wil verkrijgen. Het Zomerakkoord ging dan ook voluit voor ‘flexiland’. Uitzendarbeid wordt uitgebreid naar alle sectoren, zelfs de openbare diensten. Er komt een statuut ‘betaalde vrijwilliger’. De vraag is wat het verschil is tussen een ‘betaalde vrijwilliger’ en een ‘onderbetaalde werknemer’? Nacht- en zondagarbeid is voortaan toegestaan in de e-commerce. Allemaal maatregelen die de bescherming van de arbeiders en bedienden zullen verminderen. Het Zomerakkoord is een nieuwe aanval op onze arbeidsrechten die we niet mogen laten passeren.

Een akkoord op maat van de rijken en de banken

Een van de bedrijven die in volgens het privatiseringsdogma van de regering moet uitverkocht worden is Belfius. Tijdens de financiële crisis moesten we met z’n allen opdraaien voor het wangedrag van de allerrijkste bankiers op de beurzen. De winsten van de banken bleven privé maar de kosten werden genationaliseerd. Nu wil de regering Belfius opnieuw privatiseren, enkele jaren nadat we als samenleving miljarden investeerden om Belfius van het faillissement te redden. De CEO’s van Belfius zullen opnieuw naar believen kunnen speculeren op de markt, zonder enige democratische controle. Er is geen betere manier om naar een nieuwe crisis toe te werken. De regering werkt dus volop voor de allerrijksten in deze samenleving: de multinationals, de banken, … Ondertussen worden de pensioenen nog eens verlaagd (er wordt 300 miljoen bespaard op de pensioenen) en voert de regering een effectentaks in die in de praktijk quasi geen enkele miljonair zal moeten betalen. Het geld van onze samenleving wordt niet geïnvesteerd in de mensen, in onze toekomst, in het collectief... We hebben andere oriëntaties nodig. We hebben geen nieuwe privébank nodig die speculeert op de beurs maar opnieuw een bank die onder democratische controle staat. We hebben ook geen effectentaks nodig die niets zal opleveren maar een echte miljonairstaks die de grootste fortuinen heractiveert en opnieuw in de samenleving investeert.

Welke samenleving willen we?

Rechts zal op 10 oktober de kans niet laten liggen om de staking te veroordelen. Bart De Wever en Gwendolyn Rutten maakten zich zelfs al op voorhand boos op de vakbonden en werknemers die willen actievoeren. Door te hameren op het stakingsmiddel, gaan zij het debat over de inhoud uit de weg. De echte vraag die we ons op 10 oktober moeten stellen, is namelijk welke samenleving we morgen willen zien. Een Flexiland van verarmde en gestresseerde werknemers, zonder toegankelijke openbare diensten en tegen de achtergrond van een ontregelend klimaat? Of een arbeidsmarkt op mensenmaat, met waardige lonen en werkbare voorwaarden, met uitstekende openbare diensten, sterke vakbonden en goede statuten tegen misbruik? De federale regering moest na een golf van verontwaardiging al terugkomen op haar beslissing om tot 165 euro pensioen af te nemen van vijftigplussers die hun werk verliezen. Onder druk wordt alles vloeibaar. Het is de regering zelf die kiest welke druk nodig is om haar van haar asociale plannen af te brengen en datgene te doen waarvoor ze werd aangesteld: de toekomst van haar burgers beschermen.

In samenwerking met: