VS: Bernie Sanders zet zijn politieke revolutie door

De linkse presidentskandidaat Bernie Sanders mag dan wel 75 zijn, hij is uit taai hout gesneden. De voorbije maanden behaalde hij een reeks klinkende overwinningen. Maar de voorsprong van Hillary Clinton is groot en wordt voorgesteld als onoverkomelijk. Toch denkt The Bern niet aan opgeven. Wat drijft hem om door te zetten?

Hoewel de traditionele media hem nooit echt gewillig waren, wist Sanders toch door te breken in het politieke debat. De thema’s die hij aandroeg – sociale ongelijkheid, onderwijs, klimaatopwarming en de straffeloosheid van de elite - hebben de voorverkiezingen van de Democratische partij gedomineerd. Dat is vooral te danken aan een dynamische campagne op de sociale media en grote verkiezingsrally’s, georganiseerd door jonge vrijwilligers en gefinancierd met de vele kleine giften van sympathisanten. 

Vooraf werd gedacht dat de voorverkiezingen nogal voorspelbaar zouden zijn: Hillary Clinton voor de Democraten en Jeb Bush voor de Republikeinen. Maar kennelijk zag een groot deel van het Amerikaanse kiespubliek een race tussen twee telgen van steenrijke presidentsfamilies niet zitten. In beide partijen maakten onverwachte kandidaten hun opmars. De miljardair Donald Trump heeft ondertussen geen concurrenten meer voor de Republikeinse nominatie en ter linkerzijde ontketende democratisch socialist Bernie Sanders zijn “politieke revolutie”.

Sanders is de beste kans tegen Trump

In maart haalde Clinton acht overwinningen en werd de toon gezet voor het scenario Trump vs. Clinton. Nochtans kan Bernie Sanders technisch gezien nog steeds de Democratische presidentskandidaat worden. Clinton heeft 23 staten gewonnen, Sanders 21. Toch loopt Clinton inderdaad op kop, omwille van het complexe kiessysteem dat toestaat dat de partijtop zwaar kan wegen op de uitslag.

Het valt dus aan te nemen dat de linkse Sanders met zijn anti-establishment discours niet de nodige steun zal vinden bij het establishment van de Democratische partij. Het enige politieke argument dat de superdelegates van kant zou kunnen doen wisselen, is het aantal peilingen waaruit blijkt dat Sanders meer kans heeft om Donald Trump te verslaan dan Hillary Clinton. Op 18 mei was Trump al geklommen tot 40% in de peilingen, Clinton blijft steken op 41%. Dat komt omdat Clinton vooral de traditionele kiezers aanspreekt, terwijl zowel Sanders als Trump net als Obama in 2008 ook mensen aantrekken die voorheen niet gingen stemmen.

De reden waarom Sanders de handdoek nog niet in de ring gooit, heeft waarschijnlijk minder te maken met zijn overwinningskansen dan met de bredere betekenis van zijn campagne. Sanders spreekt altijd over de “politieke revolutie” die volgens hem niet mogelijk is tenzij miljoenen mensen actief zijn in het politieke proces. Hij wil het bewustzijn over de bepalende rol van Wall Street en de grootkapitalisten in Washington verhogen en gebruikt zijn campagne vooral om mensen te mobiliseren. Daarin is hij nu al de ontegensprekelijke winnaar van deze verkiezingen. 

De samenleving van onderuit veranderen

Na zijn mooie winst in West Virginia op 17 mei, mikt Sanders nu op de laatste grote primary op 7 juni in Californië, de staat met de meeste inwoners en dus ook de meeste kiesmannen, 548 om precies te zijn. Hij heeft zelfs honderden campagnemedewerkers ontslagen om meer mensen te kunnen aannemen in Californië. Dat en een nieuwe, ambitieuze campagne op de sociale media moet ervoor zorgen dat hij aanwezig blijft in het politieke debat, dat hij zijn thema’s kan blijven opleggen en dat hij de miljoenen werkers en jongeren kan begeesteren. Zij zijn het immers die van onderuit de samenleving kunnen veranderen. 

In samenwerking met: