Trump jaagt meer dan 20.000 vrouwen de dood in

“Je vrouw laten werken? Slecht idee”, “Je moet ze behandelen als vuil”, “Ik pak ze bij hun poesje” … Het zijn maar enkele van de vernederende uitspraken die Trump tijdens zijn kiescampagne voor vrouwen in petto had. Nu vertalen die uitspraken zich ook in beleidsdaden. 

Ondanks zijn choquerende uitspraken stemde 62% van de blanke Amerikaanse vrouwelijke kiezers zonder universitair diploma toch voor Trump. Hoe is dat mogelijk?  

In haar boek Les libéraux n’aiment pas les femmes (“Liberalen houden niet van vrouwen”) toont de Canadese feministe Aurélie Lanctôt aan dat vrouwen veel harder worden getroffen door de bezuinigingen van het neoliberalisme. Ook de  genderongelijkheid wordt groter. Een van de redenen is dat zo’n bezuinigingsbeleid in de praktijk betekent dat er minder wordt uitgegeven aan openbare diensten, en net daar zijn vrouwen verhoudingsgewijs vaker aan de slag. Openbare diensten zorgen er ook voor dat vrouwen onafhankelijker kunnen leven. Denken we maar aan kinderopvang en crèches. Als daarvoor minder budget is, zijn het vooral vrouwen die thuis blijven om voor de kinderen te zorgen. 

Vrouwen zijn dus meer dan mannen afhankelijk van openbare diensten. Daarop besparen is natuurlijk een verarming voor iedereen, maar in het bijzonder voor vrouwen, want zij worden zo financieel afhankelijker van hun partner.

Trump trok in zijn campagne niet alleen fel van leer tegen Hillary Clinton, maar ook tegen het bezuinigingsbeleid dat al veertig jaar wordt gevoerd. Dat is ongetwijfeld een element dat veel arme vrouwen ertoe aanzette voor Trump te stemmen. 

Na zijn aantreden was al snel niks meer te merken van de beloftes om te breken met het besparingsbeleid. Trumps begroting voor 2018 volgt het pad van bezuinigingen. Ze bevat geen maatregelen die in het belang zijn van de burgers en de openbare diensten worden nog meer aangepakt: 16% minder middelen voor gezondheidszorg, 21% minder voor openbare tewerkstelling, 31% minder voor milieubescherming en 14% minder voor onderwijs.  

Terug naar de breinaalden

Binnen dit kader van besparingen moeten ook Trumps aanvallen op gezinsplanning en het recht op abortus worden gezien. Als een van zijn eerste beleidsdaden ondertekende Trump – omringd door oude mannen in maatpak – een decreet dat verbiedt dat geld van de federale staat gaat naar organisaties en ngo’s die abortus toepassen of er informatie over verspreiden. 

Volgens Cécile Richard van de ngo Planned Parenthood zullen hierdoor over de hele wereld  abortusklinieken moeten sluiten bij gebrek aan financiële middelen. De ngo Marie Stopes International berekende dat deze maatregel zal leiden tot 6,5 miljoen ongewenste zwangerschappen, 2,1 miljoen gevaarlijke zwangerschapsonderbrekingen – de terugkeer naar de breinaalden! – en de dood van 21.700 vrouwen. Als ziekenhuizen en gezondheidswerkers geen zwangerschapsonderbrekingen meer kunnen uitvoeren, zullen vrouwen vaker op zoek gaan naar clandestiene manieren om hun zwangerschap te onderbreken. Met deze maatregel wordt de veiligheid en het leven van veel vrouwen ernstig in gevaar gebracht.

Vier redenen waarom Trump vrouwenrechten aanvalt  

“Vergeet nooit dat een politieke, economische of religieuze crisis volstaat opdat de rechten van de vrouw opnieuw in vraag worden gesteld. Deze rechten zijn nooit verworven.” Trump is de perfecte illustratie van deze waarschuwing van de Franse feministe Simone de Beauvoir. Ook hij heeft zo zijn redenen om voor vrouwen de klok terug te draaien.

Ten eerste is de demografische piramide in het Westen aan het omkeren. Er zijn steeds minder actieve werknemers in verhouding tot het aantal niet-actieve personen (vooral kinderen en gepensioneerden). Maar bedrijven hebben werknemers nodig om de rijkdom van onze maatschappij te produceren. Er moeten dus meer kinderen komen. Een opdracht voor de vrouwen, vindt Trump. 

Ten tweede is de zwakke positie van vrouwen op de arbeidsmarkt goed om het sociaal verzet te breken. Als werkloosheid en armoede dreigen, en je verspreidt het idee dat vrouwen beter thuis blijven in plaats van te gaan werken, dan beschouwen mannelijke werknemers vrouwen als concurrenten. Als binnen een bedrijf herstructureringen worden doorgevoerd, of als sociale rechten onder vuur komen, dan gaan werknemers elkaar beginnen te bekampen in plaats van samen te strijden tegen de grote aandeelhouders. 

Ten derde wordt zo een onderklasse van werkneemsters gecreëerd die de werkomstandigheden globaal onder druk zet. De regering-Trump verspreidt een seksistische ideologie waarin de dominantie van de witte man gerechtvaardigd is, waarin de vrouw niet gelijk is aan de man en de “viriele man” het recht heeft van haar te eisen wat hij wil. Zo rechtvaardigt de regering ook haar maatregelen. Als de heersende ideologie vrouwen naar beneden haalt, zal het normaal worden dat ze minder verdienen, flexibelere werkomstandigheden hebben, enz. 

Deze onderklasse van werkneemsters is ook een soort makkelijke proeftuin. Later kunnen deze maatregelen uitgebreid worden naar alle werknemers. Makkelijk, in de zin dat de weerstand er zwakker is: als de werkomstandigheden onzeker en flexibel zijn, is het moeilijker je te organiseren en strijd te voeren. En de maatregelen viseren misschien in de eerste plaats vrouwen, maar ze zullen gevolgen hebben voor de hele werkende bevolking. De boodschap aan de mannen is dan:  als je deze arbeidsvoorwaarden niet aanneemt, zal een vrouw dat wel doen.  

Ten vierde leidt deze politiek de aandacht af van de sociaaleconomische maatregelen die alle werknemers treffen. Als Trump abortus aanvalt, klinkt er luid protest. Dat hoorden we zelfs tot in België. Maar dat Trump de belastingen voor bedrijven wil verlagen van 35 tot 15%, of dat hij de steenkoolmijnen wil heropenen, daar heeft bijna niemand van gehoord ... 


Het feminisme op de proef gesteld  

Binnen de feministische beweging zijn er verschillende stromingen die elkaar kruisen en soms tegenspreken. Een belangrijke stroming in de feministische beweging is de identitaire stroming, onder invloed van wat men in het Engels “identity politics” noemt. Deze stroming vertrekt van de vaststelling dat vrouwen niet dezelfde mogelijkheden hebben als mannen om te klimmen op de sociale ladder, dat het “glazen plafond” dat vrouwen verhindert om bedrijfsleider of minister te worden moet gebroken worden, dat mannen “privileges” hebben ten opzichte van vrouwen en dat het patriarchaat een dominant systeem is, los van het economisch kapitalisme waarin we leven. 

Op basis daarvan mikt de identitaire stroming er in feite op de heersende klasse te diversifiëren, zodat meer vrouwen een plekje bij de elite krijgen. Ze breekt niet met het economisch beleid dat gericht is op concurrentie. Dat beleid heeft net nood aan verdelingsmechanismes, concurrentie en duistere praktijken. Het is de moordende concurrentie en het onophoudelijk zoeken naar winst die ertoe leiden dat vrouwenrechten constant worden aangevallen. 

Het gevaar van deze stroming is dat ze het spel van verdeling meespeelt door met de vinger te wijzen naar “seksistische mannen” die de ongelijkheid in de maatschappij versterken om hun “privileges” te beschermen. Terwijl het geheel van de seksistische maatschappij bekritiseerd moet worden. Die wordt georganiseerd en onderhouden door de 1% rijksten. Het zijn zij die de echte voordelen rapen van seksisme. De Nederlandse feministe Anja Meulenbelt zegt het zo: “Hoe kan men het feminisme definiëren als de strijd voor gelijkheid tussen mannen en vrouwen, terwijl mannen onder elkaar al niet gelijk zijn?” 

Een uitdaging voor de feministische beweging: zich verenigen tegen de 1% 

De brede protestbeweging van 20 februari, die meer dan twee miljoen mensen samenbracht – mannen en vrouwen – in de straten van Washington en elders in de Verenigde Staten, toont hoe belangrijk de bekommernis om de situatie van vrouwen is. 

Maar om op een consequente manier de verworven rechten van vrouwen te verdedigen en er nieuwe te veroveren, zal de beweging sterk moeten zijn.   

Die sterkte kan er alleen komen als het geheel van maatschappelijke bewegingen verenigd wordt in de strijd tegen personen die decreten tegen abortus tekenen en besparingen doorvoeren, tegen diegenen die echt profiteren van de ongelijkheid: de 1%. Die beweging zal verenigd moeten zijn, want alle krachten zullen nodig zijn om een stevig verzet te voeren tegen een economisch systeem dat altijd opnieuw de werkende bevolking doet betalen. En die eenheid zal er enkel zijn als de beweging tegelijk in de maatschappij en binnen haar eigen rangen kan vechten tegen economische en culturele discriminatie. Eenheid tussen mannen en vrouwen, eenheid tussen talen en culturen, eenheid tussen de vakbonden. Dat zijn de noodzakelijke materiële omstandigheden die onze mogelijkheden tot emancipatie bepalen. 

Dit artikel komt uit het maandblad Solidair van mei  2017Abonnement.

In samenwerking met: