Rik Torfs, verdediger van een rechts conservatief beleid

“Laten we een half jaar niet meer staken. Er is al genoeg gestaakt”. Zo trachtte Rik Torfs, rector van de KULeuven, een oplossing te bieden voor de sociale onvrede die er al geruime tijd in ons land heerst. Rik Torfs doet zich graag voor als de sociaal bewogen man, als de pacificator in moeilijke tijden.

 

Studenten met een eigen mening

 

Rector Torfs stelt dat de stakingen ongelegen komen voor de studenten en dat ze daarom als asociaal kunnen gelabeled worden. Het klopt dat dit vervelend is voor de vele studenten, maar er is ook een andere kant aan dat verhaal. De bonden komen ook op voor het onderwijs van de studenten en de toekomstige werksituaties van diezelfde studenten. Zouden we niet beter op een volledige manier naar de strijd kijken en de beide kanten belichten in plaats van het verhaal over te nemen van het beleid en enkel dit te propageren.

Torfs vertelt gewoonweg wat zijn studenten willen horen, maar port ze niet aan er dieper over na te denken. Hetzelfde doet hij met zijn personeel waarover hijzelf beslist dat ze niet willen staken en het argument zelf in hun monden lepelt. Zou echt elke prof het onethisch vinden om te staken? Zou het misschien niet beter zijn dat meneer Torfs wat meer actie zou ondernemen. Hij vindt dat de hogescholen klagen omdat ze te weinig geld hebben en stelt dat de universiteiten ook te weinig geld hebben om dan te concluderen dat ze zelf te weinig klagen. Ik wil Torfs geruststellen dat hij te weinig klaagt. Het is bijna crimineel te noemen hoe hij zijn eigen onderwijsinstelling laat verrotten onder de besparingen. Waarom wilt Torfs niet mee op de kar springen met de hogescholen en samen stellen dat hun studenten meer waard zijn.

Torfs mag gerust meer geloof hebben in zijn studenten. Het zijn studenten die al veel mee verwezenlijkt hebben in dit land en laat mei ’68 daar het mooiste voorbeeld van zijn. Studenten die hebben gevochten voor meer democratisering en meer solidariteit. Laat het debat woeden op de universiteiten, maar zonder opvoorhand de mening in te lepelen en te bepalen wat het standpunt moet zijn. De jongeren van nu zijn de toekomst en het is belangrijk ze mee te betrekken in de debatten over hoe onze maatschappij eruit moet zien. De sociale strijd die momenteel woedt, biedt een mooie gelegenheid voor studenten om zich te mengen in de maatschappelijke discussies.

 

Solidariteit komt van twee kanten

 

Rik Torfs heeft al een duidelijke mening klaar en verkondigt deze de laatste dagen zeer graag. Hij vindt dat we moeten zoeken naar een solidaire oplossing. We moeten alle Belgen verenigen, werkgevers en werknemers. Hierbij lijkt hij vooral de vakbonden te viseren  die een eensgezind standpunt in de weg staan. De werkgevers of de regering heeft hij nog niet gewezen een niet-solidaire houding aan te nemen. Ik vraag me af wat Torfs zijn definitie is van solidariteit. Solidariteit betekent voor mij dat iedereen in de maatschappij op een rechtvaardige, gelijkwaardige en menselijke manier probeert samen te werken aan een samenleving.

De vakbonden lijken mij zeker op dit moment niet degenen te zijn die de solidariteit ondermijnen. Zij zijn niet degenen die de werknemer uitkleden en de besparingen uitvoeren op kap van de welvaartscreëerders van dit land. Het zijn niet de vakbonden die vragende partij zijn om de zwaksten in dit land verder in de miserie te duwen. Het zijn ook niet de vakbonden die vragen om het Belgische vermogen oneerlijk te verdelen. De vakbonden zijn net degenen die de rechten van de werkenden verdedigen op een moment dat ze hard worden aangevallen.

Is het niet deze regering, meneer Torfs, die de pensioenen aanvalt? Die het openbaar vervoer ontmantelt op een moment dat er meer reizigers zijn dan ooit en dat er alternatieven moeten worden gezocht voor de ecologische uitdagingen? Zijn het niet de werkgevers die zich als duivels in een weiwatervat gedragen wanneer er gevraagd wordt om iets bij te dragen aan onze economie en samenleving? Deze regering kiest de kant van de werkgevers en staat elke solidaire oplossing in de weg.

De onvrede over het met rust laten van de vermogens en het negeren van de vele leaks en papers maken een gevoel los van onvrede en ongeloof. Het is dit beleid dat polariseert tussen werkenden en werklozen en zieken, autochtonen en allochtonen, niet-vluchtelingen en vluchtelingen. Het is onbegrijpelijk dat het hoofd van een universiteit op dat moment enkel met de vinger naar de vakbonden wijst. Dat Torfs dit niet ziet komt omdat hij het niet wilt zien of omdat zijn ivoren toren gewoonweg te hoog is.

 

Het imago van een miljonairsstaat of een solidaire samenleving?

 

In de Afspraak stelde Torfs dat het imago van ons land er slecht aan toe is. We hebben de aanslagen gehad en economisch bolt het ook niet schitterend. Wist meneer Torfs ook dat de toestanden in de gevangenissen al jaren schrijnend is en dat ons land hiervoor internationaal al meermaals op de vingers is getikt. Het werd tijd dat iemand iets ondernam om dit aan te klagen. De cipiers deden duidelijk sneller dan de ministers van justitie die er zijn en zijn geweest.

Moeten we onze sociale rechten laten afbreken omdat dit beter is voor het imago van ons land? Moeten de Fransen het dan ook maar slikken dat een regering ondemocratisch onleefbaar werken er moet doorduwen. Hetzelfde geldt voor ons land met de Wet Peeters. Ons imago redden betekent blijkbaar terug naar de tijd van Daens keren. Hopelijk herinneren de christen-democraten zich toch nog dat hun held Daens hier net tegen heeft gestreden? En neen, het is niet overdreven om te stellen dat de wet Peeters een stap terug is. Het is de werknemers terug overlaten aan de willekeur van de werkgever en de grillen van de markt.

Echte vooruitgang en aan een imago werken, zou  betekenen dat we moeten gaan voor een 30-urenweek. Een model dat mensen minder laat werken en meer vrije tijd geeft, zeker wanneer technologie snel vooruit gaat. Iets dat Torfs toch zou moeten weten als het hoofd van een universiteit, baken van wetenschap en innovatie. We zouden de vakbonden moeten bedanken dat ze willen opkomen voor de rechten waarvoor jaren zijn gevochten. Verworvendheden zijn vooruitgang en zijn zeker niet de ondermijning van ons sociaal weefsel of onze economie.

De hebzucht van een kleine elite ondermijnt onze samenleving. Nog nooit bezaten zo weinig mensen zoveel als nu. 65 mensen bezitten eveneveel als de armste helft van de wereldbevolking. Het gaat niet meer enkel over recupuren, maar wel over de afbraak van een volledig stelsel waarbij de recupuren de druppel zijn die de emmer doen overlopen. Waarom moet men die recupuren raken wanneer er genoeg geld ligt te slapen om de economische problemen aan te pakken. Het enige imagoprobleem van ons land is het imago van een belastingsparadij en een luxeresort voor superrijken. Laten we dit kapitaal gebruiken om van dit land een eerlijk en rechtvaardig land te maken dat een voorbeeld kan zijn voor de hele wereld. Dat is wat ik zou noemen, imagebuilding!

 

 

 

In samenwerking met: